vrijdag 22 april 2016

Als je wiet wil dan koop je maar een huis



Ik moet het CBD Project bespreken met mijn woningcorporatie. Ik pak de benodigde papieren uit hun map en ga richting het kantoor van Dudok Wonen.

Aan de balie geef ik mijn Kennisgeving Hennepperceel 2016 af, op dezelfde manier als ik een paar dagen eerder bij het politiekantoor deed. Natuurlijk moet de secretaresse dit aan iemand anders doorspelen. De medewerker Incasso en Woonfraude, Martin Hordijk, komt opdraven om met mij te overleggen. Nouja, overleggen. Hij neemt me mee naar zijn kantoor om de Algemene Voorwaarden van het huurcontract uit te leggen.

De Algemene Voorwaarden zeggen: “Het is huurder niet toegestaan in het gehuurde, aanhorigheden of gemeenschappelijke ruimten, hennep te kweken, dan wel andere activiteiten te verrichten die op grond van de Opiumwet strafbaar zijn gesteld.” Vrijwel alle verhuurders nemen zo’n clausule op in hun huurcontracten. Dat is logisch, gezien het nationale beleid om wietkwekers zoveel mogelijk dwars te zitten. Maar mijn project is iets anders. Ik wil geen coffeeshopwiet maken. Het gaat hier om een kruidenextract dat als medicijn gebruikt kan worden. Volgens de Opiumwet is zoiets niet verboden.

Martin zegt dat het niet uitmaakt of mijn planten legaal zijn, of niet. “Ik vind dat je een nobel doel nastreeft. Maar onze Algemene Voorwaarden zijn duidelijk. Wij zullen een uitzettings- of ontruimingsprocedure starten als we hennepteelt constateren.” Martin vindt dat ik genoeg andere mogelijkheden heb om medi-wiet te kweken. “Je kan een volkstuin huren bijvoorbeeld”, zegt hij. Maar als ik dat via Dudok Wonen zou doen, dan waren de Algemene Voorwaarden alsnog van toepassing. “Dan koop je maar een huis”, is zijn reactie op mijn bezwaren.

Het is natuurlijk ridicuul om te denken dat iedereen zomaar een huis kan kopen. Laat staan een journalistiekstudentje met een bijbaan als freelance webredacteur. Volgens Martin zijn sommige koopwoningen goedkoper dan huurwoningen in de sociale sector. Maar geen enkele bank gaat mij een hypotheek verstrekken. Bovendien staat in de meeste hypotheekcontracten eenzelfde clausule over hennepkweek als in de Algemene Voorwaarden van Dudok Wonen. Wanneer je cannabis teelt in je koopwoning, moet je direct de hele hypotheek aflossen. Als dat niet lukt, wordt jouw huis ver beneden de aankoopwaarde op een veiling verkocht.

Het Ministerie van Veiligheid en Justitie zegt dat ik ‘niet in de problemen’ kom als ik met het CBD Project meedoe. Volgens de Opiumwet mag ik vezelhennep kweken. Maar als de overheid hennepteelt niet tegenhoudt, dan doen woningcorporaties en banken dat wel. Blijkbaar hebben we naast de politie, ook banken en verhuurders als handhavers van de rechtstaat. In mijn lesboeken over staatsinrichting heb ik dat nooit gelezen. Maar goed, iedereen ziet wel eens iets over het hoofd.

Drugsbezitters hebben geen recht op een woning, zo lijkt het. Burgemeesters doen vrolijk mee met die trend. Gemeenten kunnen een woning leegruimen, wanneer er meer dan een halve gram harddrugs in het huis wordt aangetroffen. Er hoeft niet eens sprake te zijn van overlast. Je kan een bank overvallen, een vrouw verkrachten of een moord plegen. In al die gevallen mag je je huis behouden. Je komt dan ook niet op een zwarte lijst bij woningcorporaties terecht, die ervoor zorgt dat je alleen nog bij huisjesmelkers kan huren. Mensen die iets met drugs te maken hebben moeten wél direct op straat komen te staan. Dat zal ze leren, vieze hippies.

vrijdag 15 april 2016

CBD is een medicijn voor iedereen


‘Waar heb je medi-wiet voor nodig dan?’ Vroegen verschillende mensen aan mij. Ik heb CBD ook niet per se nodig. Een paar weken terug vertelde mijn huisarts nog dat ik kerngezond ben.

Ik vertelde in een eerder blogbericht dat CBD een medicijn is tegen verschillende aandoeningen. Chronisch zieken ondervinden de meeste voordelen van medicinale cannabis. Cannabidiol helpt hun symptomen, in sommige gevallen drastisch, te verminderen. In andere gevallen maakt CBD constante pijn ineens veel draaglijker. Maar je zult helaas niet van je aandoening genezen door een paar keer wat druppels hennepolie te slikken.

Ik vraag me af of CBD misschien gevaarlijk is. Ik type ‘adverse health effects CBD’ in de zoekbalk van Google Scholar. Bij de resultaten staan allerlei onderzoeken naar recreatief gebruik van cannabis. Maar dat is iets anders. 

Uiteindelijk beland ik op het forum Quora, waar internetters over verschillende onderwerpen vragen kunnen stellen. Daar stuit ik op de reactie van Michael Backs, schrijver van het boek Cannabis Pharmacy. Backs lijkt een man te zijn die weet waar hij over praat. Op de vraag of CBD schadelijk is, antwoordt hij: “de enige negatieve bijwerking van CBD is dat het je wakker kan houden, wanneer je vlak voor bedtijd een dosis inneemt.” Ik probeer na te gaan of de reactie echt door Michael Backs is geschreven. Daar ziet het wel naar uit.

Voor de zekerheid bezoek ik de website van het Amerikaanse National Institute on Drug Abuse (NIDA). Het NIDA is speciaal opgericht om schadelijke effecten van drugs middels wetenschappelijk onderzoek op te sporen. Als er één instantie is die iets gevaarlijks weet te melden over CBD-extracten, dan is het wel het NIDA. Hun website heet niet voor niks drugabuse.gov.

Op de website van het NIDA kom ik een verbijsterend bericht tegen. De directeur, Nora Volkow, heeft vorig jaar juni de Amerikaanse senaat bijna gesmeekt om CBD uit de zogenaamde ‘Schedule One’ te halen. In dat deel van de Amerikaanse wet staan drugs die een hoge potentie voor misbruik hebben en vrijwel geen therapeutische effecten. Volgens de Amerikaanse wet is CBD dus heel gevaarlijk. Het NIDA zocht bevestiging van die stelling in 25 wetenschappelijke onderzoeken naar de (on)veiligheid van CBD. Maar de organisatie kon geen schadelijke effecten vinden. Zelfs Nora Volkow -niet echt een voorstander van legalisatie- kan alleen maar voordelen van CBD benoemen.

Nora weet in haar betoog een hoop positieve effecten op te sommen. CBD werkt tegen pijn, beroertes, ontstekingen, kanker, psychoses, stress, angstklachten en zelfs verslaving. Bijna iedereen kan dus baat hebben bij hennepolie. Natuurlijk moet er meer onderzoek gedaan worden naar de therapeutische waarde. Maar drugswetgeving maakt onderzoek naar verboden middelen juist heel moeilijk. Wetenschappers moeten aan allerlei speciale voorwaarden voldoen, voordat ze een ‘Schedule One drug’ mogen bestuderen. Waardevolle informatie over geneeskrachtige planten en stoffen blijft daarom moeilijk te ontdekken.

We leven in een vreemde wereld. Drugs worden verboden uit naam van de volksgezondheid. Want ja, onze jeugd ‘gaat kapot’ aan die duivelse middelen. Vervolgens komt er bewijs dat het groene kwaad juist niet gevaarlijk is. Die informatie wordt genegeerd. Iedereen wijst op de criminele status van de hennepplant. Criminelen die hennep kweken moeten keihard worden aangepakt, want zij veroorzaken huisbranden en jatten stroom. Ik kan het verkeerd begrepen hebben hoor. Maar is het dan niet juist een goed idee om gewone burgers veilige CBD in hun tuin te laten groeien?

vrijdag 12 februari 2016

Framing van MDMA in Nederlandse kranten in de jaren 2013 en 2014

Nederlandse kranten stortten zich massaal op het onderwerp xtc nadat drie feestgangers overleden tijdens Amsterdam Dance Event in oktober 2013. In mijn vakreflectie analyseer ik welk beeld krantenlezers overhielden aan de mediahype over xtc.

In de maatschappij lijkt een tweedeling te zijn ontstaan. Politici en ouders wijzen veelal op de gevaren van een xtc-pil. Zij vinden dat MDMA een onaanvaardbaar gezondheidsrisico oplevert. Aan de andere kant staan jongeren en feestgangers. Zij zien veel leeftijdsgenoten relatief probleemloos van de knuffelige roes genieten op elektronische dansfeesten. Bij hen bestaat het idee dat xtc onschuldig is.

Drugs blijven een beladen onderwerp in Nederland. De taak van journalisten is het volk een spiegel van de maatschappij te bieden. Verschillende kranten boekten daarbij wisselende resultaten. Hoewel journalisten regelmatig over xtc-gebruikers schreven, bleven de overwegingen van drugsgebruikers om MDMA te nemen grotendeels achterwege. Hun beweegredenen zijn niet onbelangrijk. Pas wanneer we begrijpen waarom feestgangers liever een xtc-pil slikken dan een biertje drinken, zouden we iets aan de maatschappelijke tweedeling kunnen veranderen. 

Uit mijn analyse blijkt dat er grote verschillen zitten tussen kranten. Kwaliteitskranten zoals NRC Handelsblad en De Volkskrant probeerden een evenwichtig beeld neer te zetten van xtc, met de werkzame stof MDMA. Journalisten van die kranten wisselden regelmatig van toon, invalshoek en onderwerp. Daardoor konden lezers van kwaliteitskranten optimaal hun eigen beeld opstellen van de populaire partydrug. 

Commerciële kranten zoals het Algemeen Dagblad (AD) en de Telegraaf pakten het anders aan. Hun doel is zoveel mogelijk lezers te trekken. Blijkbaar waren verhalen over xtc populair bij lezers, want het AD en de Telegraaf publiceerden in twee jaar tijd meer berichten over de partydrug dan andere kranten. 

Kranten gebruikten het vaakst een zogenoemd ‘criminaliteitsframe’, waarbij de problemen die dealers en drugsbezitters veroorzaken centraal staan. Het publiek kan daardoor gaan denken dat xtc een gevaarlijk product is dat met politiemaatregelen bestreden moet worden. 

Het beeld dat kranten van xtc schetsen strookt niet met de werkelijkheid. Het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM) herhaalde in het jaar 2009 onderzoek van wetenschapper David Nutt naar schadelijk gevolgen van drugsgebruik. Een team van 19 experts -vooraanstaande toxicologen, verslavingsdeskundigen, psychiaters en artsen- boog zich over de maatschappelijke en individuele gevolgen van drugsgebruik. Het RIVM kon maar één conclusie trekken: de risico’s van MDMA zijn vele malen kleiner dan die van alcohol. Xtc is dus geen ontzettend gevaarlijke drug. 

Kranten schetsen daarnaast het beeld dat xtc met politiemaatregelen bestreden moet worden. In werkelijkheid is dat juist een slecht plan. In de Criminaliteitsbeeldanalyse uit 2012, van het Korps Landelijke Politiediensten (KLPD), klopt de politie zichzelf op de borst met ‘grote successen’ in de bestrijding van xtc-productie. Dankzij internationale samenwerking slaagde de politie er vanaf het jaar 2008 in om de toelevering van grondstof PMK aan te pakken. Grote internationale spelers in de handel van grondstoffen voor drugs werden toen gearresteerd. Het gevolg was een volledig ontregelde drugsmarkt, zo blijkt uit laboratoriumtests van het Drugs Informatie en Monitoring Systeem (DIMS). Omdat grondstoffen voor MDMA-productie ineens schaars werden, gingen producenten hun xtc-pillen vullen met andere stoffen zoals mCPP en PMMA. Die drugs zijn gevaarlijker dan de werkzame stof, MDMA, die eigenlijk in xtc-pillen moet zitten. Bovendien weten de meeste gebruikers niet welke inhoud hun pil heeft, wat extra gevaar met zich meebrengt. Tussen de jaren 2008 en 2014 overleden meer feestgangers aan vervuilde pillen, dan dat er mensen aan xtc-pillen overleden in de jaren daarvoor. Met andere woorden: er gaan meer drugsgebruikers dood zodra de politie ‘successen’ boekt in de bestrijding van drugs.

De meeste mensen lijken het erover eens te zijn dat harddrugs verboden moeten blijven. Vrijwel niemand lijkt de cirkelredenering te zien die het repressieve drugsbeleid ondersteunt. Drugs zijn slecht omdat ze verboden zijn en drugs zijn verboden omdat ze slecht zijn, zo gaat de drogreden. Wetenschappelijke onderzoeken naar drugs bewijzen regelmatig het tegendeel. Harddrugs zijn helemaal niet zo gevaarlijk als doorgaans wordt beweerd. Maar zulk bewijs wordt genegeerd. En journalisten doen daar vrolijk aan mee.

Bijna alle overheden ter wereld vinden dat mensen geen harddrugs moeten gebruiken, omdat je daar mogelijk dood aan kan gaan. Maar xtc-gebruik is niet gevaarlijker dan paardrijden, betoogde David Nutt als voorzitter van de Wetenschappelijke Commissie van het Britse parlement. “This raises the critical question of why society tolerates -indeed encourages- certain forms of potentially harmful behavior, but not others”, zo vervolgde Nutt zijn uitspraak. Hij werd na zijn kritische opmerking ontslagen. Het parlement duldde geen tegenspraak van hun repressieve drugsbeleid.

President Nixon begon in de jaren ’70 ‘the war on drugs’. De drugsoorlog gaat sindsdien gepaard met een enorme hoeveelheid propaganda. Zijn boodschap ‘just say no’ wist zich over de hele wereld te verspreiden dankzij journalisten die de propaganda overnamen en daar sensatiegerichte verhalen van maakten. 

In het boek Flat Earth News van Nick Davies staat welke impact de journalistiek had op heroïnegebruik in de jaren ’80. Toen heroïne nog legaal was, werd het relatief probleemloos door een kleine groep chinezen in Londen gebruikt. Waarschijnlijk waren die Chinezen verslaafd aan heroïne. Maar dat leidde niet tot grote problemen. Ze konden vrij goedkoop aan hun drug komen, die ook nog van goede kwaliteit was. De meesten waren in staat te werken naast hun verslaving. 

Toen Britse media sensationele verhalen over heroïnegebruik begonnen te schrijven, voelde de regering zich geroepen iets aan ‘het drugsprobleem’ te doen. De handel en het gebruik van heroïne werd steeds meer aan banden gelegd. Gebruikers bleven natuurlijk verslaafd, dus ze stopten niet met drugs nemen. Heroïnegebruikers moesten steeds meer moeite doen om hun verslaving te onderhouden. Ze gingen zelf drugs verkopen om genoeg geld binnen te krijgen. De Britse overheid reageerde daar weer op met nóg strengere regelgeving, in plaats van kritisch te kijken naar de gevolgen van hun drugsbeleid. Zo ontstond een negatieve spiraal van steeds gevaarlijker drugsgebruik, wat leidde tot strengere regelgeving, die meer risico’s en maatschappelijke problemen met zich meebrachten. 

De resultaten van mijn vakreflectie staan niet op zichzelf. Media over de hele wereld behandelen het onderwerp drugs op vrijwel dezelfde manier. Jongeren die experimenteren worden als willoze slachtoffers van duivelse genotmiddelen neergezet. Drugs zijn gevaarlijk en daar moet je ver vandaan blijven, zo is de centrale boodschap. Als je dat niet doet, dan ben je een crimineel en moet je leven zo moeilijk mogelijk gemaakt worden. Dat gebeurt allemaal uit naam van de volksgezondheid. Terwijl de gezondheid van drugsgebruikers alleen maar verslechterd door de huidige gang van zaken. 

Het is tijd voor een nieuwe aanpak. Want de angst voor schadelijke gevolgen van drugsgebruik rechtvaardigt geen wetgeving die het gebruik van drugs juist gevaarlijker maakt. Journalisten moeten een centrale rol spelen in het opzetten van een nieuw drugsbeleid. Ze moeten kritisch kijken naar de gevolgen van overheidsbesluiten. Kritiekloos politieberichten over grote drugsvangsten overschrijven moet daarom per direct naar het verleden verbannen worden. 

Mijn oplossing voor dit probleem is vrij eenvoudig: stel eens een vraag aan iemand die zelf drugs gebruikt! Vraag waarom mensen drugs gebruiken en hoe ze dat beleven. Erken het bestaan van drugsgebruikers en probeer hen te begrijpen. Als je goed op de kleine details let, wordt het grote plaatje vanzelf zichtbaar. 

Download hier het volledige onderzoeksverslag. Klik op Bijlage I, Bijlage II, en Bijlage III om ze via een aparte URL te downloaden.

Ik zocht naar mensen die experimenteren met de light-versie van xtc: 4-FA

Geschreven voor Vice.com, niet gepubliceerd



Steeds meer Nederlandse jongeren ontdekken de ‘light-versie van xtc’: 4-fluoramfetamine of kortweg 4-FA. Dat schrijft het Trimbos-Instituut in de Nationale Drug Monitor 2015. Ik ging praten met mensen die ervaring hebben met de legale designerdrug.

4-FA is speciaal op de markt gebracht om internationale drugswetgeving te omzeilen. Door een fluoratoom toe te voegen aan de bekende drug speed, ontstaat een stof die niet in de Opiumwet wordt genoemd. Net als speed is 4-FA een stimulerend middel. Toch lijken de effecten meer op die van een xtc-pil, met de werkzame stof MDMA. Je krijgt zin om te praten of te dansen en voelt je meer verbonden met de mensen om je heen. 4-fluoramfetamine voelt minder intens en bedwelmend dan MDMA, daarom spreekt het Trimbos-Instituut over ‘de light-versie van xtc’.

Aantal gebruikers
Voor het jaar 2013 was 4-FA veelal een ongewenst versnijdingsmiddel van speed. De designerdrug lijkt sindsdien populairder te worden. Steeds meer mensen brachten hun zakje xtc-light naar een GGZ om het te laten testen.

Ongeveer tien procent van de jongeren die regelmatig uitgaan heeft de nieuwe psychoactieve stof wel eens geprobeerd, volgens het Grote Uitgaansonderzoek 2013. Ravers in Amsterdam zouden er vaker ervaring mee hebben: ongeveer 15% van hen gebruikte het ooit. Helaas is dat onderzoek waarschijnlijk niet betrouwbaar. De onderzoeksgroep was namelijk niet representatief genoeg om duidelijke conclusies te trekken.

Ervaringsdeskundigen
Er is maar weinig wetenschappelijk onderzoek gedaan naar de effecten van 4-FA. Daarom moest ik via een besloten Facebookgroep op jacht naar mensen die het wel eens gebruiken. Zij zijn immers de enigen die weten wat de designerdrug met je doet. Dankzij het wonder dat internet heet, sprak ik binnen een dag met twaalf mensen die het wel eens -of regelmatig- gebruiken. Hun namen laat ik achterwege omdat werkgevers nog altijd niet blij zijn met een drugsgebruiker die komt solliciteren.

Ervaringen met de designerdrug lopen aardig uiteen. Een jongen (21) uit Amersfoort zegt dat hij bijna net zo energiek en euforisch wordt als wanneer hij een xtc-pil slikt. Een 21-jarig meisje uit Groningen vindt het saai en wil het niet nog eens proberen. Een paar liefhebbers zeggen dat ze na hun feestje prima kunnen slapen. Anderen staarden nadat de drug was uitgewerkt nog uren naar het plafond. Ze zijn het er allemaal over eens dat ze niet zo erg van de kaart raken als van MDMA. Hun pupillen worden niet abnormaal groot en ze kunnen zich nog normaal gedragen, als ze dat willen. De volgende dag hebben ze nauwelijks last van een kater.

Overdosering
Dat klinkt natuurlijk ideaal, zo’n xtc-vervanger zonder kater. Maar een avondje 4-FA eindigt niet voor iedereen rooskleurig. Het Nederlands Vergiftigingen Informatie Centrum (NVIC) rapporteerde vorig jaar 24 patiënten met vergiftigingsverschijnselen van 4-FA. Tussen de jaren 2007 en 2014 eindigden in totaal 38 gebruikers in het ziekenhuis. 

Een 18-jarig meisje uit Eindhoven vertelt dat het bij haar ook een keer mis ging. Ze bleef onbedoeld drie dagen op rij wakker van de katerloze xtc. Ze hoopte dat de effecten sterker zouden worden als ze een paar keer achter elkaar een extra dosis nam. “Dat was niet zo slim. Want het gevoel bleef hetzelfde, alleen duurde het veel langer voordat ik weer nuchter was.”

Drug of choice
Het Coördinatiepunt Assessment en Monitoring (nieuwe) Drugs (CAM) onderzoekt de opkomst van nieuwe drugs voor het Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport. Vorig jaar deed het CAM een zogenaamde ‘Quick-Scan’ naar 4-FA. Dat is een kortdurend onderzoek waarin algemene informatie over een bepaalde drug op een rij wordt gezet. In de conclusie van het rapport staat dat 4-FA een ‘drug of choice’ is geworden. Met andere woorden: mensen gebruiken de drug voor de specifieke effecten die je ervan krijgt, zoals de afwezigheid van een kater.

Het CAM blijft de designerdrug in de gaten houden. Dit jaar doet het coördinatiepunt een nieuwe Quick-Scan. De onderzoekers zouden graag dieper op de materie in willen gaan met een uitgebreid onderzoek, maar dat is nog niet mogelijk. Er bestaat geen wetenschappelijke literatuur over de effecten van 4-FA in het menselijk lichaam. De Commissie Risicobeoordeling Nieuwe Drugs, die nauw samenwerkt met het CAM, kan vanwege het gebrek aan bewijs niet beoordelen hoe gevaarlijk de drug is. 

Voorlichting
Voorlichtingsorganisaties zoals Unity en Jellinek zitten met hetzelfde probleem. Een groeiende groep jongeren wil weten hoe je 4-FA het beste kunt gebruiken. Maar het probleem is juist dat niemand daar iets over weet. Het lijkt erop dat mensen in het ziekenhuis kunnen belanden wanneer ze meer dan 150 milligram slikken. Zelfs dat kan niemand met zekerheid zeggen. Laat staan dat we iets kunnen zeggen over de effecten op langer termijn. Of wat 4-FA in combinatie met andere drugs in je lichaam doet.

‘Minder schadelijk’
Sommige gebruikers denken dat 4-FA minder schadelijk is dan xtc. Een 20-jarige student biochemie aan de Avans Hogeschool in Breda deelt dat idee. Volgens hem ontstaan er minder vrije radicalen bij de afbraak van 4-FA dan wanneer ons lichaam MDMA verwerkt. Die vrije radicalen beschadigen verbindingen in de hersenen. Daarbij zou onderzoek met ratten uitwijzen dat de hoeveelheid dopamine en serotonine (boodschapperstoffen) in de hersenen al na een dag is hersteld, in plaats van een week.

MDMA is de favoriete drug van de 20-jarige student. Toch gebruikt hij het liever niet meer. “Ik kom er steeds meer achter hoe schadelijk MDMA op de langer termijn is.” MDMA veroorzaakt bijvoorbeeld geheugenproblemen en depressies. “Bovendien is de kater een drama”, voegt hij toe. Tegenwoordig neemt hij liever 4-FA als hij naar een feest gaat. Dan ligt hij niet de twee dagen daarna depressief in bed.

Xtc-light kopen
Terwijl het CAM probeert te onderzoeken wat de overheid met deze nieuwe psychoactieve stof moet doen, staat het internet bol van de webshops die het spul verkopen. Een paar jaar geleden verbood de Nederlandse Geneesmiddelenwet nog verkoop van ongeregistreerde stoffen. Maar in juli 2014 oordeelde het Europese Hof van Justitie dat alleen medicijnen met een (bewezen) medicinale werking onder die wet vallen. Gebruikers hoeven daarom slechts ‘4-FA’ in Google te typen en ze kunnen een gram, wat genoeg is voor tien mensen, kopen voor ongeveer vijftien euro. Een kilo voor 4.000 euro behoort ook tot de mogelijkheden.

Smartshop
De mensen die ik spreek kopen hun ‘xtc-light’ liever bij een dealer. Ze voelen zich niet veilig op het internet: je weet nooit wie er meekijkt. Het meisje (21) uit Groningen vertelde dat ze haar 4-FA gewoon in de smartshop kocht. Smartshophouders die 4-FA verkopen zijn met de huidige wetgeving niet strafbaar.

Maar het is niet de bedoeling dat de drug in de schappen ligt, vindt Iris Freie van de Vereniging Landelijk Overleg Smartproducten (VLOS). “Deze stoffen zijn nieuw en we hebben geen idee of ze schadelijk zouden kunnen zijn of niet”, schrijft ze in een reactie. De VLOS raadt daarom verkoop van nieuwe psychoactieve stoffen af.

Wetgeving
Het Europees Parlement werkt aan een nieuwe wet die verkoop van designerdrugs verbiedt. Het is nog niet duidelijk hoe die wet eruit moet komen te zien. Want als een specifieke designerdrug verboden wordt, ligt er alweer een nieuwe op de plank. Alle stoffen verbieden die een psychoactieve werking hebben zou misschien een optie zijn. Maar dat heeft volgens het CAM meer nadelen dan voordelen. Je zou dan bijvoorbeeld geen nootmuskaat meer mogen kopen.

Wat het Europees Parlement ook bedenkt, het lijkt erop dat 4-FA nog wel een tijdje blijft. Een selecte groep mensen verkiest het boven de meer gangbare drug MDMA. Om hen heen zit ook al een illegaal netwerk van verkopers, zo blijkt uit de gebruikers die zeggen dat ze het bij een dealer kopen. Daarbij is de grondstof, 4-fluor-BMK, gewoon legaal te koop. Je hoeft geen genie te zijn om daarvan de gewenste drug te maken.

donderdag 11 februari 2016

Wie begrip zaait zal liefde oogsten

Geschreven voor katern Opinie & Debat van De Volkskrant, niet gepubliceerd

“Media zaaien verdeeldheid in het vluchtelingendebat”, zegt Sander Reimink dinsdag in een openbaar gastcollege op de campus van de Wageningen Universiteit. Hij legt uit hoe we meer begrip voor anderen opbrengen.

Aan het begin van het college laat Reimink een bruin doek zien. “Dit is het universum, alles wat je kent zit hier in.” Hij wijst een plek op het doek aan. “Zie je? Dat is je favoriete café.”

Daarmee wil hij uitleggen dat we voor alles een model gebruiken. We wijzen iets in de realiteit aan en geven het een naam. Geloofsystemen, noemt hij dat. Er volgen een paar voorbeelden: van het woord ‘water’ kan je niet nat worden. ‘Vogel’ vliegt niet van het papier weg. En een ‘klootzak’ zal ook wel eens vriendelijke momenten hebben.

Mensen gebruiken geloofsystemen om de realiteit om ons heen te beschrijven. Zulke modellen zijn nooit helemaal waar. Het gaat erom of het model dat we gebruiken functioneel is, of niet. Wanneer we die stelling begrijpen, kunnen we door naar de volgende stap.
 
Kunnen we mensen verwijten dat ze zich op een bepaalde manier gedragen? Was Adolf Hitler een slecht persoon? Volgens Reimink is dat een cirkelredenatie: Hitler was slecht, omdat hij zich slecht gedroeg. En hij gedroeg zich slecht omdat hij een slecht persoon was. “In werkelijkheid gebeurt alles in een context, en het is belangrijk dat te beseffen.”  

We kiezen onze verlangens en onze emotionele reacties niet. Die ontstaan uit de omgeving waarin we ons bevinden. Hitler had zichzelf overtuigd dat joden de oorzaak van al het kwaad waren. Hij projecteerde het kwaad over een hele bevolkingsgroep en ontkende het in zichzelf. Vanuit zijn standpunt voelde hij zich geroepen die bevolkingsgroep uit te roeien. Op die manier kon hij de verschrikkelijkste dingen doen, terwijl hij zichzelf een goed persoon vond. 

Adolf Hitler is natuurlijk een extreem voorbeeld. Maar als we niet oppassen met hoe we naar vluchtelingen of moslims kijken, zouden wij dezelfde fouten kunnen maken. Daarom formuleert Reimink de stelling: “Mensen zijn altijd waardevol. Zelfs wanneer ze andere mensen beschadigen.” Daarmee bedoelt hij niet dat we al hun daden goed moeten vinden. “Gedrag moeten we blijven beoordelen en misdadigheden moeten we tegenhouden.” Maar dat kan ook zonder ervan uit te gaan dat mensen zelf slecht zijn. 

We moeten anderen proberen te begrijpen. Ook daar heeft Reimink een voorbeeld voor. “Als een plant niet wil groeien, kan je boos op hem worden. Je zou hem kunnen uitschelden. Of je zou hem kunnen schoppen. Maar daar gaat hij niet van groeien.” Pas wanneer we begrijpen welke omstandigheden de plant nodig heeft, kunnen we hem laten groeien.

Nieuwsmedia hebben de neiging zich te focussen op problemen die zich in de maatschappij afspelen. Doordat vluchtelingen -vooral de moslims- constant in verband gebracht worden met terrorisme en homohaat, kan je het idee krijgen dat die mensen slecht zijn. Terwijl er natuurlijk een brede context is waarin ‘anti-westerse’ ideeën ontstaan. Wij willen onze normen en waarden beschermen, dat is normaal. Maar tegen radicaliserende moslims schoppen werkt slechts averechts. 

Uiteindelijk wil iedereen een gelukkig leven in een liefdevolle omgeving. Zelfs de meest angstaanjagende terroristen hebben die wens. We kunnen ervoor kiezen andere mensen te veroordelen. Maar we kunnen ook kiezen om anderen te begrijpen. Pas dan zijn we in staat een maatschappij te maken waarin iedereen zich thuis voelt.

zaterdag 31 oktober 2015

Leeswijzer

Welkom op de Dauwdruppel. Dit is een journalistiek weblog dat ik inlever voor mijn afstudeerproject aan de Fontys Hogeschool voor Journalistiek (FHJ) in Tilburg.

Mijn naam is Tom Kiel. In het jaar 2010 startte ik mijn opleiding aan de FHJ. De afgelopen tijd heb ik me gespecialiseerd in nieuws over natuur, wetenschap en psychoactieve stoffen. Al mijn hele leven heb ik interesse in natuur en wetenschap. Ik heb later veel ervaring opgedaan als voorlichter bij Indigo Zeeland, een organisatie die jongeren op feesten bijpraat over drugs en drugsverslaving.



Ik ben een psychonaut. Dat is iemand die op ontdekkingsreis gaat in het universum van de geest, ofwel een mentale reiziger. Ik gebruik geen auto’s of vliegtuigen om op reis te gaan. Ik zou daarvoor niet eens mijn bed uit te hoeven gaan. Aan de hand van gedachte-experimenten, meditatie, religie, wetenschap en psychoactieve stoffen probeer ik de essentie van ons bestaan te ontdekken. Soms kom ik tijdens mijn ontdekkingstocht nieuws, mensen of dingen tegen die goed schetsen wat er allemaal in Nederland gebeurt. Daar zoom ik op in en ik zet er achtergrondinformatie bij. Zo hoop ik jou, als lezer van de Dauwdruppel, iets te vertellen wat je nog niet wist.

Een dauwdruppel is klein en eigenlijk onopvallend. Maar als je er op inzoomt, kun je de rest van de wereld erin gereflecteerd zien. Ik probeer mijn verhalen op dezelfde manier te schrijven. Ik verzamel kleine details en gebruik die om een spiegel van de maatschappij te maken.

Als ik niet bezig ben mijn eigen geest te verkennen, werk ik als freelancer voor de Provinciale Zeeuwse Courant (PZC). Sinds mei 2015 werk ik voor de Digidesk: de webredactie van de PZC. Mijn werk bestaat voornamelijk uit content management, nieuws verzamelen en verhalen schrijven. Bij de PZC doe ik broodnodige werkervaring op. Journalisten die ik daar leer kennen, zijn natuurlijk een essentieel onderdeel van mijn netwerk.

De artikelen op de Dauwdruppel zijn in drie categorieën in te delen. Aan de ene kant staan hier journalistieke producten die onderdeel zijn van mijn portfolio. Aan de andere kant houd ik een blog bij over hoe ik mijn eigen medicinale wiet probeer te telen. Vervolgens staat op De Dauwdruppel mijn vakreflectie, waarin ik onderzoek welk beeld kranten hebben neergezet van xtc (MDMA). Daarvoor verzamelde ik krantenberichten over MDMA uit de jaren 2013 en 2014. Ik liet er een analyse op los en schreef een onderzoeksverslag. Onder het kopje 'Vakreflectie' staat een reflectie op mijn analyse met een link waar je het verslag kan downloaden.

Tijdens het beoordelingsgesprek van mijn afstudeerproject, ook wel eindassessment genoemd, leg ik meer verantwoording af over mijn werkwijze en journalistieke keuzes. Ik zal tijdens het assessment bespreken welke verbetering ik heb aangebracht sinds het vorige beoordelingsgesprek. Een deel van mijn visie op het vak kan je teruglezen in mijn reflectie, en mijn blogberichten over het CBD Project.

Ik wens je vooral veel leesplezier. En ik hoop dat je ook iets ontdekt over je eigen geest. Namasté.

vrijdag 30 oktober 2015

Duiker verliest zijn eigen boot bij Goese Sas

  



Dit artikel verscheen op pzc.nl

GOES - Duiker Jan Kaljouw geloofde zijn ogen niet toen hij zaterdag, na een uur onder water te zijn geweest, zijn boot kwijt was.

Hij was met zijn vrouw Ellen Kaljouw in hun nieuwe Zodiak naar het Goese Sas gevaren. Ze hadden de boot verankerd en dachten aan een zorgeloze duiktocht te beginnen. Dat bleek anders toen bij bovenkomst de rubberboot nergens meer te bekennen was. “Ik dacht dat mijn nieuwe boot was gestolen”, vertelt Jan Kaljouw over de telefoon. Met flinke tegenzin zwom het echtpaar naar de oever.

Weggedreven
Gelukkig waren daar andere duikers die zich over hen ontfermden. Het echtpaar mocht een telefoon lenen om de politie te bellen. Kaljouw ging ervan uit dat hij de rest van de dag op het politiebureau formulieren over een gestolen boot moesten invullen. De mensen aan de kant wisten hem al snel te vertellen dat zijn boot helemaal niet was gestolen, maar was weggedreven. Ze hadden een lege Zodiak voorbij zien komen.

Hulp arriveert snel
Een telefoontje naar de kustwacht was voldoende om het probleem op te lossen. Uiteindelijk wist de verkeerspost in Wemeldinge via de marifoon schipper Flip Sinke van mosselkotter YE-62 op te roepen. Het toeval wilde dat hij net op pad was met een andere groep duikers van duikvereniging Dolfijn. Binnen een uur na vermissing wist hij de zodiak terug te slepen naar het Goese Sas.

Anker los
Later bleek dat het ankertouw van de zodiak aan de korte kant was. Door de sterke wind kwam het anker los van de schuin aflopende bodem en dreef de boot weg.

Gevaarlijk
De duikplek aan het Goese Sas, ook wel het Slurfje genoemd, staat bekend om zijn sterke stroming. Dat levert gevaarlijke situaties op. Soms lukt het duikers niet om op eigen kracht de oever te bereiken.