maandag 25 april 2016

Zeeuwen weten niet wat ze slikken of snuiven

Dit artikel werd op 25-04-2016 in de PZC gepubliceerd (pagina 2 & 3 Zeelandkatern)
 PZC.nl, AD.nl, Powned.tv en destentor.nl namen het over.

Verzameling drugs van anonieme bron: MDMA, speed, ketamine, 2C-B, 6-APB, wiet en hasj. ©Tom Kiel

MIDDELBURG - Zeeuwen kunnen nergens drugs laten testen. Alle andere provincies zetten laboratoriumtests in tegen schadelijke gevolgen van drugsgebruik.

Door Tom Kiel
Koen -niet zijn echte naam- uit Middelburg kent de drugsmarkt goed. Een paar jaar lang verkocht hij wiet en xtc-pillen aan iedereen die het wilde hebben. “Dat liep lekker, want er is hier geen coffeeshop.” Nu heeft hij zijn leven gebeterd. Hij heeft net een nieuwe baan en die bevalt hem prima. Hoewel hij niks meer verkoopt, neemt hij zelf nog wel eens speed of xtc.

Eventjes gaat hij zijn schuur in. Als hij terugkomt heeft hij een gripzakje gevuld met een roodbruin gekleurde steen in zijn hand. Het is een groot MDMA-kristal, de werkzame stof van xtc-pillen. Uit het zakje stijgt een milde anijsgeur op. “Daaraan ruik je dat het goed spul is”, zegt hij.

Zelfs voor een doorgewinterde gebruiker is het moeilijk te bepalen wat er precies in een zakje drugs zit. Zo komt de anijsgeur van reststoffen uit het productieproces. Zuivere MDMA-kristallen zijn namelijk geur- en kleurloos. Op 29 plekken in Nederland zou Koen precies te weten kunnen komen hoe zuiver de kristallen zijn. GGZ-instellingen bieden de mogelijkheid om drugs anoniem in een laboratorium te laten testen. Maar in Zeeland kan dat niet.

Mede dankzij labtests is de Nederlandse zwarte markt veel betrouwbaarder dan die in Engeland, Canada of de Verenigde Staten. Ongeveer vijftien procent van de xtc-pillen in Nederland bevat een andere stof dan de gebruiker verwacht. In de VS is dat naar schatting 75 procent. Het is niet bekend hoe verontreinigd de Zeeuwse drugsmarkt is, omdat een testlocatie in Zeeland ontbreekt.

Leo de Pan van voorlichtingsorganisatie Indigo baalt daarvan. “Er zit veel verschil in xtc-pillen. Soms lijken de pillen als twee druppels water op elkaar, maar hebben ze toch een andere inhoud.” Die verschillen kunnen levensgevaarlijk zijn. Daarom houden GGZ-instellingen in de gaten welke drugs worden verkocht met het Drugs Informatie en Monitoring Systeem (DIMS). Dankzij het DIMS weten drugsgebruikers wat ze slikken of snuiven. Bijkomend voordeel: de overheid en GGZ-instellingen hebben met het systeem goed zicht op de drugsmarkt.

Indigo probeert al tien jaar lang een testlocatie van het DIMS in Zeeland te realiseren. Het personeel werd meermalen getraind. Een paar keer leek het erop dat er een testlocatie zou komen. Maar dan liep het overleg met de gemeenten toch weer spaak. Eerst probeerde de organisatie het in Middelburg: daar zat het kantoor van Indigo. Maar onlangs zijn ze naar het Stationspark in Goes verhuisd.

Met de gemeente Goes hebben we goede gesprekken”, zegt De Pan. “Maar het is belangrijk de dertien Zeeuwse gemeenten op één lijn te krijgen.” Dat is lastig, want niet alle bestuurders zien voordelen in een progressief drugsbeleid. Een testlocatie in Goes zou ook invloed op de bewoners van omliggende gemeenten hebben. Mensen kunnen hun drugs immers vrij eenvoudig naar een GGZ-instelling in een naastgelegen gemeente brengen. “Daarom ligt het gevoelig.”

Ruim 800.000 Nederlanders slikten ooit een xtc-pil, met de werkzame stof MDMA. Daarmee is de ‘love drug’ het meest populair. In Goes experimenteert bijna twintig procent van de jongeren wel eens met xtc, bleek in oktober vorig jaar uit de rapportage Goes Veilig 2015 - 2016. Het is niet bekend of die cijfers voor heel Zeeland gelden. Dinsdag publiceerde ZB Planbureau een nieuw onderzoek van drugsgebruik onder jongeren. Daarin staat dat vijf procent van de derdeklassers op middelbare scholen wel eens harddrugs gebruikt.

Goes investeert daarom 45.000 euro per jaar in verslavingspreventie van Indigo, SMWO en Stichting Voorkom. Kosten van een eventuele testlocatie zouden daar bovenop komen. Dan gaat het om kosten voor inzet van personeel, ongeveer twee uur per week, en het aanschaffen van materiaal. Het lijkt logisch die rekening over meerdere gemeenten te verdelen. Maar besprekingen daarover zijn in het verleden altijd op niets uitgelopen.

Misschien kan het provinciebestuur een verbindende rol spelen? Daar wil gedeputeerde Ben de Reu, belast met de gezondheid van Zeeuwse burgers, niks van weten. “De provincie Zeeland is niet verantwoordelijk voor het aantrekken van een testlocatie van het DIMS”, laat zijn communicatieafdeling weten. Sterker nog, de provincie zegt ‘geen signalen’ te hebben dat er behoefte is aan een dergelijke dienst. Dat is logisch, want het DIMS is juist een instrument dat signalen uit de drugsmarkt verzamelt. Zonder testlocatie weet niemand wat er speelt.

De provincie heeft misschien geen interesse in het Drugs Informatie en Monitoring Systeem. Maar  de belangstelling in het buitenland is juist groot. Amsterdam werd twee jaar geleden wereldnieuws, toen de gemeente waarschuwde voor witte heroïne die als cocaïne werd verkocht. “Extremely dangerous cocaïne is sold to tourists”, stond op verschillende elektronische informatieborden in de stad. Zo’n waarschuwingscampagne wordt een ‘Red Alert’ genoemd. Wanneer het DIMS een drug signaleert die een direct gevaar voor de volksgezondheid vormt, kan binnen een dag vrijwel het hele land daarvan op de hoogte worden gesteld.